Naar hoofdinhoud
← Kennisbank

2 augustus 2026

AI Act artikel 50 · wat lokale besturen en KMO's nu moeten regelen

Wat de transparantieplicht uit de AI Act vanaf 2 augustus 2026 betekent voor chatbots en digitale assistenten.

Wat artikel 50 eist

Artikel 50 van de AI Act legt transparantieplichten op aan organisaties die AI-systemen inzetten die met het publiek communiceren. De plicht is simpel in woord en veeleisend in uitvoering: wie met een AI-systeem praat, moet weten dat hij met een AI-systeem praat.

Voor organisaties die een chatbot of digitale assistent inzetten, betekent artikel 50 twee concrete dingen. Ten eerste moet de persoon die een gesprek voert met een AI-systeem, daarvan op de hoogte zijn op het moment van het eerste contact. Ten tweede moet content die door AI is gegenereerd, in machineleesbare vorm worden gemarkeerd als AI-gegenereerd.

Deze plichten gelden ongeacht de grootte van de organisatie. Een Vlaamse gemeente die een meertalige AI-assistent voor het burgerloket inzet, valt onder dezelfde plicht als een KMO die klantenvragen laat beantwoorden door een digitale assistent voor klantcontact. De drempel ligt niet bij de omzet of het aantal werknemers, maar bij het feit dat het systeem met personen communiceert.

De plicht geldt voor twee soorten systemen. Het eerste is een AI-systeem dat met personen communiceert: een chatbot op een website, een spraakassistent aan de telefoon, een messaging-bot in een app. Het tweede is een AI-systeem dat content genereert: een afbeelding, een video, een audiobestand, of een tekst die door AI is geproduceerd. Voor beide soorten geldt de transparantieplicht, maar de invulling verschilt. Bij een chatbot volstaat een zichtbare melding in de interface. Bij gegenereerde media is metadata vereist die een machine kan uitlezen.

Op wie is artikel 50 van toepassing

Artikel 50 is van toepassing op elke aanbieder en elke gebruiksverantwoordelijke van een AI-systeem dat met natuurlijke personen communiceert. Dat omvat lokale besturen, OCMW's, intercommunales, KMO's, en grotere ondernemingen. Het onderscheid tussen hoogrisico-AI en lage-risico-AI dat elders in de AI Act een rol speelt, is voor artikel 50 niet relevant. Artikel 50 legt een transparantieplicht op, geen risicobeoordeling.

Voor organisaties die een AI-assistent of chatbot inzetten, betekent dat de plicht onmiddellijk geldt. Er is geen drempel op basis van risicoklasse. De plicht is niet afhankelijk van het aantal werknemers, de omzet, of de sector. Een proefopstelling die met burgers praat, valt ook onder de plicht. Er is geen uitzondering voor testfase of beperkt gebruik.

Voor een Vlaamse gemeente die een meertalige assistent overweegt, betekent dat de plicht geldt zodra de assistent met de eerste burger praat. Voor een OCMW dat een digitale balie opzet, geldt hetzelfde. Voor een intercommunale die een gedeeld loket automatisert, geldt dezelfde plicht als voor een afzonderlijke gemeente. De organisatievorm maakt niet uit, het feit van de communicatie met personen wel.

Wat er veranderde met de Digital Omnibus

De Digital Omnibus, het wetgevingspakket dat de AI Act aanpast, heeft de data waarop bepaalde verplichtingen gelden verschoven. De verplichtingen voor hoogrisico-AI-systemen uit Bijlage III zijn verplaatst naar 2 december 2027. Die uit Bijlage I zijn verplaatst naar 2 augustus 2028. De transparantieplicht uit artikel 50 is niet verplaatst. Die geldt sinds 2 augustus 2026.

Dat betekent dat organisaties die vandaag een chatbot of digitale assistent inzetten, moeten voldoen aan de transparantieplicht. De verdere verplichtingen voor risicobeoordeling en conformiteitsbeoordeling komen later aan bod, voor de systemen die onder Bijlage I of Bijlage III vallen. Voor de meeste chatbots en assistenten die met het publiek communiceren, is artikel 50 vandaag de belangrijkste plicht.

Wie vandaag aan de slag gaat met een chatbot of een digitale assistent, hoeft niet te wachten op de verdere verplichtingen uit Bijlage I of Bijlage III. Die komen in 2027 en 2028. De transparantieplicht is er vandaag, en die is voldoende om mee te beginnen. Wie de plicht vandaag invult, is voorbereid op wat komt.

Wie de kernbegrippen uit de AI Act en de AVG wil begrijpen, raadpleegt de begrippenlijst met de termen en hun betekenis.

Wat de deadline in de praktijk betekent

De deadline van 2 augustus 2026 betekent dat een AI-systeem dat na die datum wordt ingezet, bij het eerste contact moet aangeven dat de persoon met een AI-systeem spreekt. Voor een chatbot op een gemeentewebsite betekent dat een zichtbare melding in de interface, niet in de algemene voorwaarden. Voor een spraakassistent aan de telefoon betekent dat een gesproken mededeling bij aanvang van het gesprek.

De boetes voor niet-naleving kunnen oplopen tot 15 miljoen euro of 3 procent van de wereldwijde jaaromzet, al naar gelang welk bedrag hoger is. Voor een lokaal bestuur of een KMO is dat een theoretisch maximum, maar het signaal is duidelijk: de plicht is niet vrijblijvend.

AI-gegenereerde media moeten daarnaast in machineleesbare vorm worden gemarkeerd. Dat betekent metadata die door een machine kan worden uitgelezen, niet enkel een zichtbaar watermerk. Een afbeelding die door AI is gegenereerd, moet metadata bevatten die aangeeft dat het om AI-content gaat.

De markingseis geldt voor content die zichtbaar of hoorbaar wordt gepubliceerd. Een afbeelding op een gemeentewebsite die door AI is gegenereerd, moet metadata bevatten. Een video die door AI is geproduceerd, moet eveneens worden gemarkeerd. De marking moet machineleesbaar zijn, wat betekent dat een programma de metadata kan uitlezen zonder de content te analyseren. Een zichtbaar watermerk alleen is niet voldoende.

Wat u vandaag moet doen

Wie vandaag een chatbot of digitale assistent inzet, moet drie dingen regelen. Ten eerste de transparantiemelding: de persoon moet weten dat hij met een AI-systeem spreekt, bij het eerste contact en op een manier die niet te missen is. Ten tweede de markering van AI-gegenereerde media, indien de organisatie dergelijke content publiceert. Ten derde het bijhouden van een register van de AI-systemen die de organisatie inzet, met de doelstellingen, de verwerkte gegevens, en de manier waarop de transparantieplicht wordt ingevuld.

Voor lokale besturen is er een extra overweging: de AVG en de AI Act samen vereisen dat persoonsgegevens die een assistent verwerkt, binnen de EU blijven en dat de gebruiker kan vragen om een menselijke behandeling. Dat staat beschreven in ons artikel over wat de AI Act betekent voor Vlaamse lokale besturen. Voor KMO's is de checklist in vier stappen een praktisch beginpunt.

Het register hoeft niet complex te zijn. Een spreadsheet of een tekstdocument volstaat. Het doel is dat de organisatie op elk moment kan aangeven welke AI-systemen ze inzet, waarvoor, en hoe de transparantieplicht wordt ingevuld. Bij een controle of een vraag van een klant is dat het document dat aantoont dat de organisatie bewust omgaat met AI.

Wij gebruiken cookies om de website te laten functioneren en om — anoniem — te begrijpen hoe u onze website gebruikt. U kunt zelf kiezen welke cookies u toestaat. Lees ons cookiebeleid of pas uw .